De Joodse keuken

DE JOODSE KEUKEN

Het joodse woord voor spijswetten is kasjroet. Kosjer (geschikt) vlees/ eten doet men om twee redenen:

  1. Bevorderd de gezondheid.
  2. Is heiligmakend, dus geestelijk genezend.

Wat eet men wel/ niet?
  1. Landdieren: herkauwers met gespleten hoeven mag men wel eten. Denk hierbij aan koeien, schapen, herten en geiten. Zie voor een nadere onderbouwing de thoratekst Deuteronomium (tweede wetgeving) hoofdstuk 12.
  2. Vogels: er zijn 27 soorten vogels verboden, waaronder roofvogels. Men eet alleen vogels met een krop en een bepaalde maaginhoud, vooral tamme vogels zoals kippen, duiven, eenden en ganzen.
  3. Zeedieren: alleen vissen met schubben worden gegeten.
  4. Sjechita: slachten volgens de voorschriften.
  5. Vlees- en zuivelproducten scheiden, vaak met een dubbele keuken of een tweedeling in de ene keuken.
De oorsprong van al deze geboden is gelegen in de thoratekst Exodus (uittocht) hoofdstuk 23, vers 19: Het is verboden een bokje in de melk van zijn moeder te koken.


Plaats een reactie: